Vast iets voor mij!


Volgende week vrijdag begint op veel plaatsen weer het feestgedruis van carnaval. Hier in Obdam zullen we daar waarschijnlijk weinig van merken, maar in sommige andere plaatsen houdt de carnavalstraditie stand. Zelf mag ik zaterdagmiddag naar De Weere. Daar wordt in de kerk de sleutel van… ja, van wat eigenlijk! Door de burgemeester van Opmeer overgedragen aan prins Carnaval. Een gemeentehuis of een stadspoort hebben ze in De Weere niet. Wel een kerk! Maar zou prins Carnaval dan de sleutel van de kerk krijgen? En was die dan in handen van de burgemeester? Ik moet daar toch maar eens onderzoek naar doen. Ik ben namelijk niet alleen eerst-aanspreekbare pastor van Obdam, maar ook van Spanbroek en De Weere. Ik wil erbij zijn, bij die sleuteloverdracht, ook vanwege de aanwezigheid van de Witlofband, de fameuze blaaskapel van Crescendo. Misschien krijg ik, net als vorig jaar, een trompet in mijn handen gedrukt. Dan kan ik letterlijk en figuurlijk mijn partijtje meeblazen. Als pastor mag ik ook voorop lopen in de polonaise, maar die eer laat ik toch maar liever aan de burgemeester over.

Vast iets voor mij!


En dan wordt het Aswoensdag. In De Weere zitten de leden van de Raad van Elf die avond weer braaf in de kerkbanken. Hoe zal dat in onze kerk gaan? We hebben geen Raad van Elf meer en Aswoensdag vormt hier niet meer het eind van een paar woeste carnavalsdagen.
Aswoensdag is hier toch vooral een begin, het begin van de veertigdagentijd. Geen Raad van Elf, weinig carnavalvierders. Maar wie zullen er dan wel in de kerkbanken zitten? Misschien u wel. Is de veertigdagentijd voor u een begin, of zou het dat kunnen worden? Een begin van wat? Dat laat ik aan u over!

We kunnen de veertigdagentijd op allerlei manieren vorm geven. Door, traditiegetrouw, minder te eten, maar ook bijvoorbeeld door geen alcohol te drinken, meer bij mensen op bezoek te gaan die ziek of eenzaam zijn, door geld te geven aan een goed doel, bijvoorbeeld aan de Vastenactie, of door wat vaker naar de kerk te gaan… In de Marcuskapel zingen we in de veertigdagentijd regelmatig een lied dat begint met de woorden: ‘vast iets voor mij’. Ik kan dat alleen maar beamen. Ja, die veertigdagentijd, dat is vast en zeker iets voor mij. En voor u?